Geloven in de Kapel: Wim van ´t Oever

Inleiding

Even voorstellen. Mijn naam is Wim van ´t Oever. Ik ben geboren en opgegroeid in Kampen in een vrijzinnig gezin.

Hoewel mijn ouders actief waren in de Vereniging van Vrijzinnig Hervormden (vader jarenlang in het bestuur en moeder tot op hoge leeftijd secretaresse van de vrouwenvereniging) werd er thuis weinig over het geloof gepraat.

Ik ging naar de zondagsschool en daarna naar catechisatie. De dominee was weinig inspirerend en na 1 of 2 jaar haakte ik af.

Na de hbs ging ik de deur uit voor studie, militaire dienst en opnieuw studie. Geloof en kerk waren intussen helemaal buiten beeld.

Eind jaren 60 ontmoette ik Nelleke, niet helemaal toevallig want mijn zuster was getrouwd met een broer van Nelleke. Ik ging wel eens mee naar de Gereformeerde kerk, maar daar voelde ik me totaal niet thuis en Nelleke eigenlijk ook al lang niet meer.

We zijn getrouwd, maar niet in de kerk en we kregen twee (nog steeds hele fijne) kinderen, maar die hebben we toen niet laten dopen.

De Kapel

Via vrienden gingen we eens kijken bij de Kapelgemeente. We waren eigenlijk meteen enthousiast en gingen meedoen met allerlei activiteiten.

We werden medeoprichters van de Hongarije commissie (Nelleke later voorzitter) en ik zong met plezier mee in de cantorij. We hebben in volle overtuiging belijdenis gedaan en de kinderen laten dopen.

De tekst van de gevelsteen werd waargemaakt in de Kapel: Waar de Geest des Heeren is, Daar is vrijheid. Je mag er zijn zoals je bent en je wordt niet de maat genomen of je wel volgens afgepaste regeltjes gelooft.

Toen de gemeente na een moeilijke periode weer in rustiger vaarwater was gekomen werd Nelleke diaken en vervolgens voorzitter van de diaconie. Door ziekte moest ze eerder stoppen.

Ik ben daarna 4 jaar scriba geweest, maar dat begon me hoe langer hoe zwaarder te vallen i.v.m. de situatie thuis. Het was echter mijn eer te na om voor het einde van de ambtsperiode te stoppen.

Nadat ik afscheid had genomen als scriba viel ik, wat de Kapel betreft, in een zwart gat. Ik ging niet meer naar de kerk, want ik moest op Nelleke passen. Dat was natuurlijk onzin want ze kon best een poosje alleen zijn.

Geloof moet je onderhouden anders ebt het weg. Ook hier gold: uit het oog, uit het hart en dat was wederzijds kreeg ik de indruk.

Op een enkele uitzondering na kwamen er geen kapelmensen meer langs.

Nelleke kreeg 10 jaar geleden het eerste herseninfarct en 2 jaar geleden de diagnose msa (multiple systeem atrofie, een hersenziekte met een zeer slechte prognose) en daardoor ben ik natuurlijk wel meer aan huis gebonden.

Desondanks heb ik de laatste tijd toch weer voorzichtig de draad opgepakt wat betreft de diensten in de Kapel. En ik heb er steeds een goed gevoel bij! Het voelt als weer thuiskomen.

Wat geloof ik nou eigenlijk?

Dat weet ik niet precies. Ik heb nogal een abstract beeld van God. In het scheppingsverhaal staat : ….. en de Geest Gods zweefde over de wateren.

Ik denk dat ik het daarmee moet doen en dat ik de Geest Gods om me heen zie. In de mensen om ons heen, in onze 5 geweldige kleinkinderen, in de natuur, in mooie muziek.

Waarom ga ik dan naar de kerk? Ik denk door dat goede gevoel dat ik erbij heb.

Heel veel fijne mensen om je heen die zich op een of andere manier inzetten voor een betere wereld. Misschien zijn wij de handen van God, wat Hij/Zij ook moge betekenen.

De Bijbel is een boek met hele mooie, maar ook met onbegrijpelijke verhalen.

Die verhalen zijn eerst doorverteld en later pas op schrift gezet in een heel andere tijd en een heel andere cultuur dan de onze.

Wij hakken geen handen af, wij stenigen geen vrouwen, wij houden geen jubeljaar. Toch kun je er nog steeds mooie dingen uithalen.

Jezus geeft ons het goede voorbeeld, maar vaak is Hij ook weer onnavolgbaar. Zijn lijden en dood zijn van alle tijden. Ook in onze tijd worden mensen die zich verzetten tegen autoritaire machthebbers monddood gemaakt, opgesloten en vermoord. Met de opstanding heb ik veel moeite. Ik kan me daar niets bij voorstellen.

Voor mij is een kernbegrip van het Christendom:
Wat gij niet wilt dat u geschiedt, doe dat ook een ander niet.

Met de cantorij en in het algemeen in de diensten hebben we vele mooie liederen gezongen. Als ik een favoriet van mij moet noemen is het gezang 481 (oude liedboek). Een prachtige melodie en een tekst die past bij de geest van de Kapelgemeente.

O grote God die liefde zijt,
o Vader van ons leven,
vervul ons hart, dat wij altijd
ons aan uw liefde geven.
Laat ons het zout der aarde zijn,
het licht der wereld, klaar en rein.
Laat ons uw woord bewaren,
uw waarheid openbaren.

Categorieën: Geloven in de Kapel

Reacties

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *